Terug Home Opvolgend het eerste muurgedicht

Signaturen bij de muurgedichten

De muurgedichten zijn elk ondertekend met twee of meer kleine tekentjes onder de naam van de dichter. Een voorbeeld staat hiernaast. En van de tekentjes is - op n uitzondering na - steeds dezelfde: het spinnetje aan een draadje waarmee de schilder Jan Willem Bruins zijn werk signeert. Het andere tekentje verschilt per gedicht. Hieraan kan men zien wie het betreffende gedicht heeft voorgesteld. Een schuine streep, een hoofdletter D en een Franse lelie komen het meest voor. Ook mensen van buiten de stichting TEGEN-BEELD hebben gedichten voorgesteld. Soms zijn dat de huiseigenaren die hun muur beschikbaar hebben gesteld. Hun wensen worden lang niet altijd vervuld. Maar als het gedicht van hun keuze werd geplaatst kregen zij hun eigen tekentje. Hieronder een aantal voorbeelden van signaturen.

Schilder/kunstenaar Jan Willem Bruins gebruikt deze signering. Het spinnetje aan een draadje is onder bijna elk muurgedicht te vinden.

Dit is van Ben Walenkamp. Het schuine streepje naar rechts is onder de meeste muurgedichten te vinden.

Zo signeert Jan Willem Bruins nog een keer als hij (mede-) verantwoordelijk is voor de voordracht van het gedicht.

Deze Franse lelie is de signering van Hetty Leydekkers. Zij is n van de bestuursleden van de stichting TEGEN-BEELD.

Dit is de signering van Vincent Icke bij het gedicht Een woedende zee van Matsuo Bash (1644 - 1694). Deze signatuur is door hem zelf ontworpen om op de Japanse kersebloesem te lijken, die je ook wel in Japanse familiewapens tegenkomt. Het beeld is samengesteld uit zijn initialen "v" en "i" (onder elkaar geplaatst, zodat het puntje op de i in de vork van de v valt), vijfmaal herhaald met 72 graden rotatie, en vervolgens zijn de niet-overlappende gedeelten ingekleurd.

Deze signering is te vinden onder het muurgedicht van Jan van Hout (1542 - 1609) Vruntschap. Het is te vinden aan de 3 Octoberstraat op de hoek met de Buitenruststraat. De middelste van dit drietal signeringen is van Karel Bostoen.

Deze naald en draad zijn de signering door een moeder van een leerling van de basisschool Lucas van Leyden. Hij staat bij een gedicht van Bernlef (1937), dat in twee gedeelten is aangebracht op de schoolmuren aan de Sint Ursulasteeg en de Caeciliastraat.

Deze signatuur staat bij het inmiddels wat verborgen geraaakte gedicht Aku van Chairil Anwar (1922 - 1949). Dit gedicht is niet voorgedragen door een persoon maar door een organisatie: het Instituut Indonesische Cursussen.

Dit "pannetje" is de signatuur van Martin Schouten (biograaf van van der Lubbe) en staat onder het gedicht O, Arbeid van Marinus van der Lubbe (1909 - 1934). Het is aangebracht op een blinde muur aan het Van der Lubbehofje.

Dit sijsje is de signatuur van Corrie van der Sijs en staat onder het gedicht Mijn moeder is mijn naam vergeten van Neeltje Maria Min (1944). Het is aangebracht op de zijmuur van de Rijn- en Schiekade 74.

De dichter en vertaler Jan Eijkelboom koos voor dit fragment van het door hem vertaalde gedicht Omeros van Derek Walcott op verzoek van de Vereniging Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV), Reuvensplaats 2, 2311 BE Leiden, ter gelegenheid van de viering van het 150-jarig bestaan van het instituut in juni 2001.

Professor Willem Otterspeer, bijzonder hoogleraar in de Universiteitsgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit te Leiden, koos voor Stoa van Albert Verwey. Het gedicht werd aangebracht op de achterzijde van "de Oude U.B." toen die na een renovatie in gebruik werd genomen als huisvesting voor het College van Bestuur van de Rijksuniversiteit te Leiden. De speer als signatuur lijkt een dichterlijke vrijheid, aangezien de naam Otterspeer naar alle waarschijnlijk berust op een foutieve spelling van Otterspoor.


Op Terug Home Opvolgend muurgedicht